Een simulator van één cel van de vacuümmachine — een diode met aan één kant een verstembare holte — met de zelfstemlus die de bouwer vervangt. English · alle handleidingen
Eén pagina; er valt niets op te slaan en er is geen sleutel.
/simulaties/machine — de cel en de lusWat je ziet. Bovenaan de schuifjes: spleet d, asymmetrie/handedness, δ, hefboom γ, koppeling K, lagen, en een ijkpunt (MicroSparc-specificatie 1,5 W/m², de opgave van Moddel 70 W/m², of het Casimir-prototype). Links het venster van de boeken: de modi die in de holte passen, de eenmalige Casimir-energie, en de diodestroom die als dronkemanswandeling rond nul blijft — detailed balance, Brillouin. Rechts het venster van het net: elke winding als rondje met een fase, de gouden pijl als gezamenlijke fase R, de doorgang, het vermogen per m², het aantal m² voor één huishouden, de kromme van stroom tegen spleet, en het boek dat bijhoudt dat wat de belasting krijgt uit de buurmazen wordt aangevuld (T6).
Wat je kunt doen. Schuiven — beide vensters bewegen op dezelfde cel. De knop cyclus draait één keer verzachten – schrijven – verharden: δ naar het kritieke punt, de maas trekt de fasen samen, δ terug, en de samenhang blijft staan. De knop zelfstemmen is de lus uit deel drie: eerst verkennen (vijftien punten over het hele bereik, de kromme s(p) opnemen, het maximum kiezen), dan volgen (kleine dither, plaatselijke helling), dan vasthouden — zakt de uitvoer meer dan 5% onder K, dan verkent hij opnieuw. Keer de handedness om en de stroom keert van teken.
Waar het naartoe leidt. Terug naar de simulaties; de bronnen en alle aannames staan onderaan de pagina zelf.
/simulaties/machine-handleiding — deze paginaDe vier lagen; de Engelse versie staat op /simulaties/machine-handleiding-en.
De machine plaatst niets; ze stelt de toestand in. In een vol vacuüm — een net onder spanning — is elektriciteit spanning die door een belasting sluit. Een apparaat is een maas: een opening die windingen tot twee keer de spleet vasthoudt, met een asymmetrie die één doorgang openlaat. De stuurknop is de lokale dichtheidsafwijking δ, niet α: de constitutieve wet g_eff = ḡ(1+γδ) geeft bij γ = 2π een hefboom van 1/ε — het net staat vlak bij zijn kritieke punt (84,1% van de stijfheid opgeheven).
De lus vervangt de hand van de bouwer. Moray, Tesla en Schauberger stemden met de hand op één plek; verplaatst viel hun apparaat stil. De lus van deel drie leest alléén het geleverde vermogen s — nooit χ, de plaats, de persoon of het materiaal — en verstelt de ene vrije maat tot s maximaal is. Dat is de splitsing invariant/toestand die door het hele Vacuum.Net-werk loopt: de lus is de invariant, de maas de toestand. Het ontwerp is plaats-, tijd- en persoonsonafhankelijk; het materiaal bepaalt de opbrengst.
Wat het linkervenster bewaakt. In de leerboekenlezing kan een enkele klep de trilling van zijn eigen omgeving niet gelijkrichten (Brillouin 1950) en levert de holte hooguit één keer haar Casimir-energie. Dat venster staat er niet als stroman maar als meetlat: het verschil tussen de twee lezingen is precies wat een echte meting moet beslechten.
maze/simulaties/machine.html — alles inline, dependency-loos. Windingen als gekoppelde fasen (Kuramoto, N = 40); de aannames A1–A5 die de open stap O2 invullen staan onderaan de pagina en zijn de plek om te vervangen zodra de theorie een regel kiest. IJking (A5): een gesloten cel bij 100 nm, a = 1, δ = 0 levert het gekozen ijkpunt. window.__sim als toetshaak; stappen op setInterval (rAF stokt in een verborgen paneel).maze/avt/ — het project eromheen: toets-getallen.py (23/25 exact), de twee O2-tellingen met gehashte plannen (plan-o2-telling*.md, o2-telling*.mjs) en de boekingen in uitkomst-o2-telling.md.